Print
 
 

Nederland dreigt toppositie als kennisland te verliezen

Nederland is een toonaangevend kennisland en wil zich internationaal zo profileren. Om een vooraanstaand kennisland te blijven, moet Nederland blijven investeren in onderzoek en innovatie (research en development, afgekort als R&D). Dit vraagt inzet van zowel het bedrijfsleven als de overheid.

 

Thema's:

Nederlandse R&D investeringen zijn in internationaal perspectief laag

Nederlands onderzoek: beperkte middelen, (nog) hoge impact

 

 

Nederlandse R&D investeringen zijn in internationaal perspectief laag

 

In 2014 stelde de Europese Unie zich voor 2020 tot doel om in Europa de investeringen in R&D boven de 3% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) te krijgen. Hieronder vallen de investeringen in R&D van zowel het bedrijfsleven als de overheid. Nederland heeft zich destijds een lagere doelstelling gesteld: 2,5% van het BBP. De afgelopen jaren investeert Nederland consequent rond de 2% van het BBP in R&D en haalt dus bij lange na de doelstelling van 2,5% niet: in 2015 hadden de investeringen in R&D slechts een omvang van 1,99% van het BBP.

 

 

Nederland investeert minder in onderzoek en innovatie dan het gemiddelde OESO-land. Daardoor kan Nederland in de nabije toekomst een kennisachterstand oplopen op andere landen, in Europa en daarbuiten. Dit zal verstrekkende gevolgen hebben voor de internationale concurrentiepositie van Nederland. Ook de KNAW waarschuwt hier voor in het recente advies ‘De aantrekkelijkheid van Nederland als onderzoeksland’ (p.34):

 

“Na een toename in het begin van deze eeuw, gingen de R&D-uitgaven per onderzoeker in Nederland in 2010 en 2012 een stap omlaag. In Zweden is een nog grotere daling te zien vanaf 2012. In het Verenigd Koninkrijk is de situatie stabiel, terwijl de R&D-uitgaven per onderzoeker in de Verenigde Staten, Duitsland en China stijgen (UNESCO 2017). Wanneer deze trends doorzetten zal dat negatieve consequenties hebben voor de concurrentiepositie van Nederland.”

 

Al eerder waarschuwde de AWTI in het rapport ‘Houd de basis gezond – prioriteiten voor extra investeringen in onderzoek en innovatie’ dat Nederland de totale investeringen in R&D moet verhogen om ook in de toekomst een vooraanstaand kennisland te zijn. Investeringen van de overheid hebben volgens de AWTI een belangrijke rol in het aanjagen van private investeringen in R&D.

 


Het goede nieuws is dat het Kabinet Rutte III in totaal €400 miljoen structureel per jaar extra investeert in R&D, waaronder fundamenteel grensverleggend, toegepast en praktijkgericht onderzoek. Dit is een goede eerste stap, maar om aansluiting bij de wereldtop te houden, zal er meer nodig zijn.

 

Nederlands onderzoek: beperkte middelen, (nog) hoge impact

 

Ondanks de relatief beperkte omvang van de Nederlandse investeringen in R&D, is de citatie-impact van het Nederlandse onderzoek groot: een groot deel van de Nederlandse publicaties staat in de top 10%. De citatie-impactscore geeft weer in welke mate er naar wetenschappelijke publicaties wordt verwezen: hoe vaker publicaties worden aangehaald, hoe groter de impact van deze artikelen.

 

Nederlands wetenschappers weten ondanks een relatief beperkte omvang aan (onderzoeks)middelen hoogwaardig en belanghebbend onderzoek te doen. Nederlandse wetenschappers zijn bedreven in het samenwerken met wetenschappers uit eigen land en andere landen en zijn bovendien zeer succesvol in het verwerven van Europese onderzoeksmiddelen.

 

We zien ook dat het wetenschappelijk wereldtoneel flink in beweging is. China heeft bijvoorbeeld de afgelopen jaren fors geïnvesteerd in R&D. In deze periode is het totaal aantal publicaties en het aandeel toppublicaties uit China ook explosief gestegen. De netto investeringen van China in R&D hebben die van de EU inmiddels gepasseerd. Duitsland heeft de afgelopen jaren ook aanzienlijk in R&D geïnvesteerd en zet de komende jaren bovendien in op verdere intensivering van die investeringen. Ook deze investeringen gingen gepaard met een toename van het aandeel Duitse (top)publicaties. Als Nederland ook in de toekomst een sterk kennisland met excellente wetenschap wil zijn, zijn dus meer investeringen in onderzoek en innovatie nodig. Dit vraag om extra inzet van zowel de overheid als het bedrijfsleven.