Print
 
 

Horizon Europe, opvolger Horizon 2020

 
Het huidige onderzoeksprogramma van de Europese Unie, Horizon 2020, loopt tot en met 2020. De Europese Commissie heeft in juni 2018 een voorstel voor een nieuw onderzoeksprogramma gepubliceerd genaamd Horizon Europe. De vormgeving van dit nieuwe onderzoeksprogramma is voor de Nederlandse universiteiten van groot belang: het huidige programma levert Nederland jaarlijks ruim €600 miljoen op voor excellent onderzoek..

 

VSNU-standpunt Horizon Europe (FP9)

De Vereniging van Universiteiten heeft begin 2018 een position paper gepubliceerd over het nieuwe onderzoeksprogramma. Hierin stellen de universiteiten dat zeven punten cruciaal zijn om er voor te zorgen dat het nieuwe onderzoeksprogramma een succes wordt. Ten eerste zou de EU een groter deel van de begroting moeten investeren in excellent onderzoek en innovatie. Extra investeringen zijn hard nodig gezien de grote maatschappelijke en economische uitdagingen waar Europa voor staat en de ambitie om de Europese wetenschap aan de mondiale top te houden. Bovendien draagt dit bij aan verhoging van de honoreringspercentages, die nu veel te laag zijn. 
 
Cruciaal voor het voortzetten van het succes van het huidige onderzoeksprogramma is daarnaast dat de EU blijft focussen op excellentie: dit moet hét criterium zijn waarop onderzoeksvoorstellen beoordeeld worden. De VSNU doet daarnaast verschillende voorstellen om de impact van onderzoek te vergroten. Zo moet op Europees niveau nog meer werk gemaakt worden van open data, open access en open science.
 
Wetenschappelijke doorbraken zijn niet mogelijk zonder fundamenteel onderzoek. Binnen het nieuwe kaderprogramma moet daarom voldoende ruimte zijn voor dit type onderzoek. Ook ziet de VSNU graag een onderzoeksprogramma dat een interdisciplinaire aanpak stimuleert: dat is hard nodig gezien het complexe karakter van de huidige wetenschappelijke, economische en maatschappelijke vraagstukken. Tot slot zijn de Nederlandse universiteiten van mening dat er meer werk moet worden gemaakt van het dichten van de kloof tussen Europese regio’s die voorop en achterop lopen op het gebied van innovatie. Dit kan bijvoorbeeld door het inzetten van Europese structuurfondsen.
 

Gezamenlijk standpunt Nederlandse kennisveld

Binnen Neth-ER heeft de VSNU samen met andere organisaties uit het Nederlandse kennisveld (denk aan NWO, KNAW, TNO en de Vereniging Hogescholen) gewerkt aan een gezamenlijk standpunt over het nieuwe kaderprogramma. Dit heeft geleid tot het vision paper ‘Knowledge First’. In dit paper stellen de Nederlandse kennisorganisaties dat drie principes centraal moeten staan in het nieuwe programma: excellentie, samenwerking en impact.