Print
 
 

Workshop 12: Invulling wettelijke taak examencommissies t.a.v. de borging van de kwaliteit van toetsing


Christoffel Reumer, Vrije Universiteit



De examencommissie kan zelf de wettelijke taak invulling geven. Hoe om te gaan met het borgen van de kwaliteit van toetsen blijkt soms ingewikkeld. Het kan bijvoorbeeld last geven voor de examinator. Een constructieve manier van deze rol benaderen kan een examinator aan de andere kant juist faciliteren. Wordt die spanning ervaren? Vooral bij directe collega's, geven deelnemers aan, is lastig om je visie te implementeren. Het kan bijvoorbeeld door te bloggen als voorzitter van een examencommissie. Dit soort dingen kosten wel veel tijd. Je hebt onder andere management nodig dat meegaat.

Christoffel stelt dat het nodig is om aan de examencommissie te rapporteren over toetsen om de examencommissie kwaliteit te laten borgen. Het moet wel op een prettige manier gaan en om effectief te zijn moet de examencommissie zicht hebben op de verbeteringscyclus: hoe wordt omgegaan met feedback op een toets. De examencommissie moet zicht hebben op toetsing. Dat betekent volgens Christoffel dat de examencommissie toetsdossiers inziet. De vraag vanuit de zaal is: is dat altijd nodig? Je kan ook aan de examinator vragen om zelf te reflecteren met weinig administratieve lasten. Dan kan je daar even op terugvallen als er iets opvallends was bij de toets.

Het peer review is essentieel voor het ontwikkelen van goede toetsen. De deelnemers hebben wel verschillende meningen of dat elke keer opnieuw moet. Als het een paar keer getoetst is dan kan je ervan uitgaan dat het werkt en je kan vragen hergebruiken. Hoe borg je kwaliteit van een mondeling tentamen? Dit kan door te werken met twee beoordelaars en van te voren de vragen te mailen of een beoordelingsformulier.

De zaal vindt dat het niet moet gaan om controleren maar dat toetsen beter worden en toetsen toetsen wat ze moeten toetsen. Maar hoe kom je van controleren naar kwaliteitsborging? Bv. door gegevens te verzamelen waar verbetering mogelijk is en hierover in gesprek te gaan met de examinator. Je moet als examencommissie wel in control willen zijn. Benoem dat je samen toetsen verbeterd en docenten daarbij wil ondersteunen. Het blijkt voor een aantal deelnemers toch lastig om in de praktijk de juiste balans te vinden tussen controle en verbetering.

Er is discussie over of er minimale vereisten zijn om goede toetsing te waarborgen. Christoffel vindt het belangrijk dat er een antwoordmodel is. Dit moet je ook hebben bij toetsinzage. Dat moet uitgeschreven zijn. De meesten vinden dat er wel toetsdossiers moeten worden gemaakt. Hier kan je een beeld van krijgen via een steekproef.